Mijn gedicht gaat over een persoon die vertelt dat hij/zij, zijn/haar tegenspeelster/tegenspeler mooi vind. Maar hij/ zij vind de tegenspeler/tegenspeelster even mooi als hij/zij zichzelf vindt. Maar op een andere manier mooi.
Inhoudelijk: in het gedicht vinden we geen beeldspraak. Het thema van het gedicht is niet zo duidelijk, langs de ene kant kan je zeggen dat het gedicht over een liefdes verklaring gaat maar langs de andere kant het ook gewoon een gedicht zijn over de schoonheid van een andere persoon. Maar natuurlijk hebben deze twee een verband.
Vormelijk: in het gedicht vinden we geen rijm terug maar wel verschillende enjandementen.
Het eerste enjandement: mooi- anders. Tweede: niet- meer. Derde: meer- of. Vierde: mooi- anders. Vijfde en zesde: nooit- anders- dan- anders. De spaties zijn geplaatst op de plaatsen waar je een nadruk moet leggen. Het gedicht telt 10 verzen en 4 strofen.
Dit gedicht telt voor iedere persoon op aarde want iedereen is op zijn manier mooi. Maar dat is natuurlijk mijn mening.
Annelore
0 reacties so far ↓
There are no comments yet...Kick things off by filling out the form below.