Het gedicht gaat over een meisje dat verliefd is geweest, maar niets over haar gevoelens kwijt wilde.
Mijn gedicht is opgebouwd uit drie strofen en elf versregels. Er is alliteratie en assonantie aanwezig. Dit zie je in de tweede strofe op de derde versregel met “witte en witheid”.
In mijn beeldmateriaal heb ik het woord anoniem vermeld. Dit heb ik gedaan omdat het meisje in het gedicht liever onbekend wil blijven. In mijn beeldfragment ziet u een dansend meisje dat haar hoop opgegeven heeft en hopeloos heen en weer aan het dansen is. De passen van de dans beschrijven de betekenis van het gedicht en haar eenzaamheid van een onmogelijke liefde.
Ik vind het gedicht heel mooi en romantisch, maar het allerbelangrijkste waarom ik dit gedicht gekozen heb is omdat ik mezelf erin herken.
Jemma Anapiosyan
[Youtube http://www.youtube.com/watch?v=jGFwfRZ5g00]